Logo telstar-online.nl
<p>Grote trilspin ten prooi gevallen aan een schimmel. (foto: Kees Mostert)</p>

Grote trilspin ten prooi gevallen aan een schimmel. (foto: Kees Mostert)

Beschimmelde spin

  •   keer gelezen   Actueel

Vleermuisonderzoeker Kees Mostert stuurde mij een foto van een beschimmelde spin, met daarbij de tekst: “Zo kom ik spinnen wel eens tegen in de bunkers waar we vleermuizen tellen. Dat wilde ik je niet onthouden.”

Het bericht van Kees las ik na terugkeer van de spinnenexcursie die ik op 31 oktober heb gegeven voor de Vereniging voor Natuur- en Milieubescherming Pijnacker. Toevallig was het die dag Halloween. Huizen waren met nepspinrag en nepspinnen versierd, maar buiten waren er nauwelijks echte webben en spinnen te vinden. Het was al een beetje laat in het seizoen voor de kruisspinnen. Bovendien had het de dagen ervoor hard geregend en gewaaid, waardoor waarschijnlijk veel webben kapot waren gegaan. Spinnen maken onder zulke omstandigheden geen nieuwe webben, want er zijn dan ook nauwelijks vliegende insecten te vangen. De excursiedeelnemers zochten ijverig en vonden onder andere toch nog enkele fraaie webben van venstersectorspinnen, vooral aan autospiegels. Beschimmelde spinnen hebben we tijdens de excursie niet gezien. Als ik de foto van Kees bekijk, vraag ik me af of de spin al dood was toen de schimmel er op ging groeien. De onfortuinlijke spin lijkt mij een grote trilspin (Pholcus phalangioides), maar op één van de poten zie ik beharing die me niet bekend voorkomt van deze soort. Ik stel mijn vragen aan spinnenkenner Peter Koomen.

Peter antwoordt: “Ik heb die beschimmelde spinnen eens uitgezocht voor het tijdschrift Quest (mei 2016). Het blijken schimmels te zijn die ‘doelbewust’ spinnen doden. Het is me niet duidelijk geworden of de spin nog leeft als de schimmel naar buiten komt. Ik vermoed van niet, want ik heb nog nooit een beschimmelde spin zien rondlopen, terwijl ik ze toch gewoon in mijn kruipruimte heb hangen. Van andere schimmels die spinnen en insecten aantasten, is bekend dat ze, na aantasting van het zenuwstelsel van hun gastheer, diens gedrag zodanig beïnvloeden dat deze op een plek gaat zitten vanwaar de schimmel zijn sporen gemakkelijk kan verspreiden. Pas als de gastheer sterft, barst de schimmel naar buiten, zich voedend met de resten van het insect of de spin.” Peter voegt er aan toe: “Er zijn verschillende namen in omloop: Engyodontium aranearum, Torrubiella pulvinata, Gibellula sp. Ik vermoed nu dat de eerste de correcte naam is, maar weet dat nog steeds niet zeker. Waarschijnlijk is het inderdaad een grote trilspin geweest Die heeft rijen haren op zijn poten staan die je normaal niet zo ziet, maar die bij een bepaalde belichting opeens duidelijk zichtbaar kunnen worden.”

Caroline

Meer berichten