
De passie van de dertienjarige Sam Hertog: honkbal
Sport 2.893 keer gelezenDe meeste jonge kinderen gaan voetballen, hockeyen, turnen, handballen, tennissen, zwemmen, waterpoloën, judoën en zo zijn er nog wel een paar sporten te noemen. Veel minder jonge kinderen gaan honkballen of softballen.
De dertienjarige Sam Hertog uit de Van Brachstraat in Pijnacker is een uitzondering. Hij ging op zijn vijfde honkballen bij Blue Birds in Delft, nadat hij daar met zijn ouders een keer was gaan kijken.
Sam vond het meteen leuk om te zien en korte tijd later ook leuk om te doen. Honkbal is een veelzijdige sport die van alles vraagt. Je moet goed en zuiver kunnen slaan, je moet goed kunnen vangen en gooien. Het is heel handig als je een beetje snel kunt rennen en last but not least moet je het spel ook goed kunnen lezen. Tactiek is heel belangrijk bij honkbal.
Sam speelde tot voor kort bij Blue Birds in Delft – vooral als catcher - en stapte dit seizoen over naar Orioles in Bergschenhoek. Het aspirantenteam van Orioles speelt een klasse hoger en Sam heeft de ambitie om beter te worden. Hoe hoger je speelt en hoe meer en intensiever je traint, des te groter de kans dat je vooruit gaat op alle onderdelen van de sport.
Intussen werd Sam met een paar spelers van Orioles geselecteerd voor het Rotterdams Regioteam waarmee hij in het Pinksterweekend meedeed aan het Nederlands kampioenschap. Pas in de halve finale verloor zijn team van Kennemerland, een van de vier teams die met elkaar in een soort onderlinge topcompetitie spelen.
Sam traint twee keer in de week, maar de jongens die in de topteams zitten trainen meer keren per week. Buiten de trainingen op de avonden zijn er in het weekend doorgaans wedstrijden door het hele land heen. Tot in Maastricht toe. “Ja, het kost heel wat tijd”, zegt ma Claudia Smit die met haar partner Henny Hertog vaak meegaat naar uitwedstrijden, ook al zijn die ver weg. Sam vindt het niet erg, dat hij soms een hele dag kwijt is aan een wedstrijd die je dan soms ook nog verliest…
Hij vertelt dat hij goed tegen zijn verlies kan, tenminste als de nederlaag terecht is, omdat de tegenpartij beter was. “Als we verliezen door een rare of verkeerde beslissing van een scheidsrechter dan kan ik minder goed tegen mijn verlies. Bij het NK gebeurde dat nog. We waren toen allemaal best boos.”
Sam Hertog vindt het mooie van honkbal de veelzijdigheid en de diversiteit in het spel. Soms ben je aan slag en kun je proberen de bal zo ver weg te slaan dat je een homerun kunt lopen. “De werpers gaan wel steeds beter en harder gooien. We hebben er een die de bal met een snelheid van tachtig kilometer op je af gooit en als de bal dan ook nog allerlei bewegingen maakt door het effect waarmee hij gooit dan is goed slaan niet eenvoudig.”
Honkbal is een spel van aanvallen en verdedigen. De tegenstander zo verdedigen dat ze zo weinig mogelijk punten behalen binnen een inning is ook mooi. De ene keer staat Sam in ‘het verre veld’ en een andere keer staat hij bij het eerste honk. Dan sta je dichter bij de werper en de pitcher, dus dat is wat spannender.
Regioteam
Sam vertelt dat hij voor het regioteam werd geselecteerd vooral vanwege zijn kracht en zijn loopsnelheid. Daarnaast probeert hij ook zijn slagtechniek verder te verbeteren door extra trainingen te doen naast de gewone trainingen. Hij gaat graag naar de trainingen, soms met de fiets en dan weer - als het weer niet zo lekker is - wordt hij door ma of pa weggebracht.
Pa heeft vroeger gekorfbald en ma heeft veel getennist. Ze kenden het honkbal nog niet. Toch genieten ze er wel van, ook al zijn de wedstrijden ver weg en duren ze lang. Hoe minder jong de spelers zijn des te meer innings er gespeeld moeten worden. En dan te bedenken dat Sam ook voor een thuiswedstrijd al twee uur van tevoren aanwezig moet zijn. De voorbereiding op de wedstrijd is eigenlijk een derde wekelijkse training.
Honkbal is voor Sam Hertog een mooie uitlaatklep waar hij zijn energie in kwijt kan. Hij kan zijn sport goed combineren met school. Hij zat dit jaar in de brugklas van het CLD in Delft en gaat nu naar 2Mavo. School ‘gaat wel’. Hij is er iets minder enthousiast over dan over zijn sport die zijn passie is. (SO)

















