
HGOP-lezing: Pijnacker in beweging
Cultuur 2.279 keer gelezenAls u de afgelopen lezing van het Historisch Genootschap Oud-Pijnacker (HGOP) in de bibliotheek niet aanwezig was, dan heeft u veel mooie filmbeelden uit de geschiedenis van Pijnacker gemist. De opkomst was zo massaal dat voorzitter Paul van Winden zich al afvroeg of binnenkort misschien een congrescentrum nodig zou zijn. Annette Theeuwsen zorgt altijd voor een mooi programma, dit keer een boeiende reis door een eeuw van bewegende beelden van Pijnacker. De presentatie was een waar ‘monnikenwerk’ (of ‘nonnenwerk’ voor Annette) om te maken, waarbij Paul Hogervorst alle filmpjes heeft gedigitaliseerd en de fragmenten minutieus bij elkaar zijn gezocht, zodat het publiek kon genieten van nostalgische beelden van ons dorp.
Door: Jan-Paul van der Velden
De presentatie begint met het laatste stukje van een oude vakantiefilm die Annette gemaakt heeft. In de beelden is te zien dat ze over de Klapwijkseweg naar Pijnacker rijden. Hoewel de beelden niet heel oud zijn, is wel te zien hoeveel er in de tussentijd veranderd is in Pijnacker. De breedte en indeling van de Klapwijkseweg, het oude spoor, de Oostlaan, links zijn de Mariaschool en de Johannesschool nog te zien, evenals de villa’s in het Emmapark en de kiosken op het Raadhuisplein. Ook ging de route langs het oude postkantoor en de Rabobank. De eindbestemming van de reis is de bibliotheek in de Julianalaan.
Daarna kwamen de verdwenen scholen in beeld. We zagen de Prinses Ireneschool, de eerste openbare lagere school aan de Kerkweg, en de Juliana kleuterschool (vroeger gescheiden van de lagere school, maar nu opgegaan in de basisschool).
Het verdwijnen van scholen was soms pijnlijk, maar ook handig, zo leek het. De Johannesschool aan de Oostlaan werd in 1994 gesloopt om plaats te maken voor de Emmahof, wat voor veel oud-leerlingen een ‘dingetje’ was. De Mariaschool onderging een dramatischer lot: die brandde af in 1996. Volgens sommigen kwam dat de gemeente goed uit, want op die plek moest later het nieuwe winkelcentrum Ackershof komen. Hoe de brand exact ontstond, is nooit helemaal duidelijk geworden, maar het gezegde ‘In de brand, uit de brand’ klonk wel toepasselijk.
Daarna stapten we over naar het gemeentelijke hart. Tot 1956 was het gemeentehuis gevestigd in een omgebouwd koetshuis aan de Oostlaan, waar burgemeester Hesselt van Dinter naast woonde. In het latere, witte gemeentehuis op het Raadhuisplein zagen we beelden van de ambtenaren. Wat vooral opviel, was hoe klein het clubje ambtenaren was, ze hadden bovendien een mooi uitzicht op wat nu Ackershof 2 is. Er werd gewoon gerookt, grote sigaren, maar vooral veel sigaretten.
Bij de Burgerlijke Stand hoefde men nog geen nummertjes te trekken, je wachtte gewoon op je beurt. En pasfoto’s? Die werden eigenlijk altijd goedgekeurd, in schril contrast met de hedendaagse strijd om een perfecte pasfoto.
Handel
Pijnacker floreerde dankzij zijn bedrijven en handel. Veel van de oude filmfragmenten dienden als promotiemateriaal voor de lokale nijverheid. We zagen Burg Transportmiddelen aan de Katwijkerlaan, opgericht in 1937, nu Burg Trailer Service. Hun aanhangwagens en opleggers zijn door heel Europa te zien. Een andere Pijnackerse reus was Jawico aan de Boezemweg, opgericht in 1945 door drie lokale ondernemers: JAcobus Vonk, WIm van Wijk, COrnelis Zegwaard. Hun karakteristieke blauwe tankauto’s reden door heel Europa.
Het winkelhart in de Stationsstraat, Oostlaan en Westlaan veranderde enorm. De beelden van de kruidenierswinkel van Jaap en Maartje Schoenmaker op Koningshof nummer 12, met de grote klomp boven de deur, toonde hoe de boodschappen nog met de bakfiets werden thuisbezorgd. Deze kleine winkeltjes moesten echter wijken voor de opkomst van de supermarkten. Van Adrichem in de Stationsstraat maakte de overgang naar zelfbediening, wat destijds een ware revolutie was: met je mandje door de winkel lopen en zelf je spullen pakken. Ook waren er beelden van Bakker Jan Brunt en zijn vrouw Gré Rook en hun bakkerij aan de Emmastraat.
De verzuiling speelde een rol in de detailhandel: Katholieke mensen kochten bij Katholieke winkels (zoals Verbakel) en Protestanten bij Protestanten (zoals Kardol).
Tuinbouw en veiling
Tuinbouw en transport via water waren essentieel voor de groei van Pijnacker. De geoogste producten gingen naar de veiling, waar keurmeesters zoals Jan van Winden controleerden of de bloemkolen wel goede bloemkolen waren, men vermoedde dat de slechte bloemkolen onder in de kist lagen.
Het transport ging vaak over de Laanvaart. Hier speelde de sluiswachter, Tinus Verkade, een cruciale rol bij het sluisje. Dit sluisje moest bediend worden om het hoogteverschil van ruim twee meter tussen de Laanvaart en de Pijnackerse Vaart te overbruggen. In 1970 kwam er een eind aan het sluisje, dat al in 1450 begon als een overtoom.
Ook de spoorlijn en het station kwamen aan bod. De Hofpleinlijn was voor velen herkenbaar. Het wachten bij de spoorbomen kon soms eindeloos duren. Tussen 2006 en 2008 werd de lijn omgebouwd tot Randstadrail, de spoorbreedte veranderde en het stationsgebouw van 1907 moest wijken. En eerlijk is eerlijk: de metro wordt door velen, zelfs na 20 jaar, nog steeds ‘trein’ genoemd.
Vieringen
Gelukkig was er ook tijd voor ontspanning. Beelden toonden een Sinterklaasintocht. De kermis op het Koningshof liet al lang verdwenen spelletjes zien, en later op het Raadhuisplein was Sjaak Wenteler nog aanwezig met zijn ijskar, terwijl zijn zweefmolen al weg was. Koninginnedag was spectaculair, met toespraken van de burgemeester en kinderen die massaal hun ballonnen oplieten (wat nu geschrapt is vanwege het milieu). Een ander hoogtepunt was de Beatrixrun, waarbij rond de 100 motoren met zijspan mensen met een beperking een dag op stap namen, een geweldig feest.
Hét AI-filmpje
Het hoogtepunt van de avond was hét AI-filmpje. Een filmpje dat de geschiedenis letterlijk tot leven wekte.
De film toont met een enorm geraas en een geweldige dreun het instorten van de scheve toren van de Dorpskerk in de nacht van 18 april 1940. De toren stond toen al 1,33 meter uit het lood. Ze waren ’s avonds bezig met stutten en het inbrengen van palen bij de toren, in een poging om de toren te redden. De zwakte zat in de constructie en het materiaal nadat de oorspronkelijke, veel lagere toren was verhoogd. Wonder boven wonder vielen er rond het Koningshof geen gewonden. Wel was de gouden torenhaan gevlogen en is deze nooit meer teruggevonden.
Engeltje van der Vlies
Ook in de film: de geschiedenis van Engeltje van der Vlies aan de Kerkweg 85, het ‘wonder van Pijnacker’. Engeltje was diepbedroefd nadat haar broer verdween om te dienen in het leger van Napoleon. Ze kreeg psychische problemen en stopte met eten en drinken. Ze beweerde dat ze 35 jaar lang niet at en niet dronk. Maandelijks kwamen soms honderden mensen naar Pijnacker om haar achter het venstertje gade te slaan. In 1826 was de bevolking het zat, en vier vrouwen hielden 24/7 de wacht, maar ze vonden niets.
Echter, bij haar overlijden in 1853 werd onmiddellijk gevraagd om sectie. Het resultaat was schokkend: ze had ‘grutten in haar donder’. Bij haar bedstede werd een buisje ontdekt dat door de muur naar het aangrenzende pand leidde, waardoor Engeltje jarenlang vloeibaar voedsel ontving. Het mirakel van Pijnacker was niet meer, en de conclusie was dat ze al die tijd de boel had geflest.
Het was een fantastische avond vol humor, levendige beelden en de ontmaskering van Engeltje als de grootste bedriegster van Pijnacker.
Nu is het tijd om vooruit te kijken. De volgende lezing van het HGOP staat gepland voor 12 januari en belooft een serieuze, maar ongetwijfeld boeiende avond te worden. Dan komt Dr. Gerrit Verhoeven, die onderzoek heeft gedaan naar het slavernijverleden van Delft en omgeving. Deze lezing vindt plaats in De Acker, Park Berkenoord 2. Inloop 19:30 uur, aanvang 20.00 uur. Voor meer informatie zie: hgop-pijnacker.nl.


















