Kerstroos ‘Diamond fire’. (foto: Caroline Elfferich)
Kerstroos ‘Diamond fire’. (foto: Caroline Elfferich)

De kroonbladeren van de kerstroos

Actueel 1.509 keer gelezen

Deze winter heb ik een kerstroos gekocht, net als voorgaande jaren. De plant staat naast de voordeur al weken weelderig te bloeien en fleurt zo het donkere jaargetijde een beetje op. Vroeger zag ik kerstrozen voornamelijk met witte bloemen, maar tegenwoordig zijn ze verkrijgbaar in allerlei tinten groen, paars en roze. Dit jaar heb ik er eentje uitgekozen met roomwitte bloemen die groen verkleuren na de bloei.

De kerstroos behoort tot het plantengeslacht Helleborus (nieskruid), dat een stuk of twintig soorten omvat, waaronder: stinkend nieskruid (Helleborus foetidus), lenteroos (Helleborus orientalis) en wrangwortel (Helleborus viridis). Daarnaast bestaan er tientallen gekweekte varianten. Stinkend nieskruid zie ik soms in tuinen als vaste plant. Op internet las ik dat de bloemen stinken als je ze aanraakt. Dit heb ik onlangs getest en de stank viel mee. Nieskruiden bevatten giftig stoffen, dus misschien is het beter om er van af te blijven. De naam nieskruid komt van een historische medicinale toepassing. Gedroogd poeder van de vermalen wortels werd gebruikt om niesbuien op te wekken. Wat daar heilzaam aan is begrijp ik niet. Toen ik een foto maakte van onze kerstroos werd mijn aandacht getrokken door een onregelmatige krans van kleine, geelgroene trechtertjes in de bloem. Midden in de bloem zitten dunne sprietjes: dat zijn de stijlen van de vrouwelijke bloemdelen. Daar omheen zitten vele meeldraden en die worden dan weer omringd door de geheimzinnige trechtertjes. In de Ecologische Flora las ik, in de beschrijving van wrangwortel, dat de trechtertjes kroonbladeren zijn, die zijn omgevormd tot nectariën. Dat zijn klieren die nectar produceren om insecten te lokken.

De bloemen van veel plantensoorten hebben kleine groene kelkbladeren en grotere, opvallend gekleurde kroonbladeren. Bij de kerstroos is dat blijkbaar andersom: de kelkbladeren zijn veel opvallender dan de kroonbladeren. Omdat kerstrozen in de winter bloeien worden ze mijns inziens weinig door insecten bezocht. Het is nu half februari en ik heb afgelopen weken geen insecten gezien op onze kerstroos. Na de bloei vallen de trechtertjes en de meeldraden op de grond. De vrouwelijke bloemdelen met de lange stijlen blijven zitten. Die kunnen zich ontwikkelen tot fraaie zaaddozen.

Wrangwortel is de enige soort nieskruid die min of meer tot de inheemse wilde flora van Nederland wordt gerekend. Het is een zeldzame plant. Nieskruiden zijn in principe vaste planten, maar ik heb al enkele malen een uitgebloeide kerstroos in de tuin gepoot die daarna spoorloos is verdwenen.

Caroline

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant