De Laurenskerk was een van de weinige gebouwen in het centrum die na het bombardement nog deels overeind stonden
De Laurenskerk was een van de weinige gebouwen in het centrum die na het bombardement nog deels overeind stonden

Rotterdam 2.0: hoe een gebombardeerde stad opnieuw uitgevonden werd

Actueel 2.424 keer gelezen

Het groen en wit straalt de bezoekers tegemoet als ze de Acker binnenkomen op dinsdagavond 22 april. Op deze avond van het Historisch Genootschap Oud-Pijnacker (HGOP) gaat het dan ook over Rotterdam. Over het Rotterdam dat was en wat het geworden is. Henk Stroeve kwam deze avond vertellen over het bombardement op en de wederopbouw van Rotterdam.

Door: Jan-Paul van der Velden

Nederland staat deze dagen stil bij 80 jaar bevrijding. Dat betekent ook dat 85 jaar geleden de oorlog begon. Het Duitse leger had zich tot doel gesteld Nederland snel in te nemen. Den Haag was een van de doelen omdat Koningin Wilhelmina daar zetelde. Het is bekend dat de staat van het Nederlandse leger slecht was, echter werd er meer weerstand geboden dan de Duitse leiders verwacht hadden. Zo wisten Nederlandse mariniers de Duitse troepen lange tijd tegen te houden bij de Willemsbrug. Dit gaf het koningshuis de tijd om naar Londen te vluchten. Het gebrek aan voortgang maakt de Duitse leiders zo getergd dat ze besloten Rotterdam te bombarderen om de Nederlanders tot capitulatie te dwingen, anders zouden de steden Utrecht, Amsterdam en Den Haag volgen.

Een aantal cijfers om een idee te geven hoe het eraan toeging op 14 mei 1940, een niet zo mooie Pinksterdag: een bommenregen die 13 minuten duurde, 97.000 kilo brisantbommen. Het gevolg: 650-900 doden, 80.000 daklozen, 24.000 verwoeste huizen. Een gebied met een omtrek van 12 kilometer dat getroffen werd.

En toen?
Een dag erna gaf Nederland zich over. Na twee dagen waren de branden in Rotterdam geblust. Vier dagen later werd architect Witteveen al aangesteld om een plan te maken voor de wederopbouw. Tien dagen later werd alles in de binnenstad onteigend. Het was het begin van de wederopbouw die tot 1970 zou duren.

Waar te beginnen?
Als een hele stad in puin ligt, waar begin je dan? Een stad opnieuw opbouwen kost geld en dat moest ergens vandaan komen. De schade werd geschat op 600 miljoen gulden, naar de huidige maatstaven zou dat rond de 600 miljard euro zijn. De Duitse zaakgelastigde Seyss-Inquart - Arthur voor intimi - wist wel waar het geld vandaan gehaald kon worden. De budgetten voor het koningshuis, defensie en voor het diplomatieke corps konden gebruikt worden voor de wederopbouw. De haven moest weer gaan functioneren. Zo kon er geld verdiend worden om de wederopbouw mee te betalen. Ook de Duitse leiders hadden belang bij de haven. Zij zagen de Rotterdamse haven als een belangrijke haven voor het nieuwe grootse Duitse rijk.

Er werden noodwoningen gebouwd voor de daklozen. Het Drentse dorp, het Leidse, Utrechtse en het Brabantse dorp. Kleine houten woningen waar de dakloos geworden inwoners van Rotterdam konden wonen.

Omdat het hele centrum een en al puin was moest al dat puin opgeruimd worden. Waar laat je zoveel puin? 20.000 arbeiders waren er druk mee. Veel puin werd gebruikt om waterwegen te dempen zoals de Blaak, de Rotterdamse Schie en de Schiedamsesingel. Er was echter meer puin dan te dempen waterwegen, dus werd er puin naar elders gebracht voor bouwprojecten, er zijn Rotterdamse gevelstenen teruggevonden tot in Friesland.

Er werden 230 noodwinkels gebouwd. Bodega en restaurant Old Dutch is het laatste gebouw dat resteert van een noodwinkelcentrum dat direct na de gebeurtenissen in mei 1940 is gerealiseerd. Voor de bouw is puin van het bombardement gebruikt. Het pand heeft kenmerkende kleine ruitjes, omdat in de oorlog geen grote ruiten te krijgen waren. Een mooi staaltje circulaire economie zou men nu zeggen.

Voor de wederopbouw waren ook materialen nodig. In 1943 werd een bouwstop verordineerd door de Duitse gezaghebbers. De bouwmaterialen waren huns inziens beter benut voor de bouw van de Atlantikwall. Een ieder die zich niet aan de bouwstop hield kreeg de doodstraf. Pas na de bevrijding kon er verder gebouwd worden.

Van Rotterdam 1.1 naar Rotterdam 2.0
Witteveen had haast met zijn plannen. Hij wilde snelheid maken met de wederopbouw omdat hij bang was dat anders de Duitsers het voortouw zouden nemen. Witteveen en zijn medewerkers sliepen op veldbedden zodat er dag en nacht gewerkt kon worden. Al voor het bombardement was men het er over eens dat bepaalde delen van de stad aangepakt moesten worden, de verkeersdoorstroming moest bijvoorbeeld beter. Toch bleef Witteveen dicht bij de vooroorlogse situatie. Wel wilde hij de krottenwijken rond de Goudsesingel saneren.

Er waren ook zo’n 150 gebouwen die wel beschadigd waren, maar nog wel op te knappen waren. Toch werd er besloten om deze gebouwen ook te slopen om de nieuwe visie uit te kunnen voeren.

Dat de Laurenskerk nog bestaat is te danken aan Adolf Hitler. Na het bombardement vatte de kerktoren vlam en dat vuur sloeg over naar de kerk. De kerk was flink beschadigd en er was sprake van dat de kerk gesloopt zou worden. Hitler stelde de kerk echter onder Kunstschutz, oftewel kunstbescherming en zodoende bestaat de kerk heden ten dage nog.

De plannen van Witteveen kregen in 1942 kritiek uit de hoek van Van der Leeuw - de directeur van Van Nelle -, de Club Rotterdam, vooruitstrevende architecten en kunstenaars. Witteveen kreeg - zou men nu zeggen - een burn-out en ging in 1944 met ziekteverlof, de rest van zijn leven zou hij Rotterdam mijden.

Zijn assistent van Traa volgde hem op, hij kwam met een radicaal functioneel stadsplan. Het centrum zou een zakencentrum worden voor de beurs, banken en verzekeringsmaatschappijen. Er was in het nieuwe centrum geen plek voor woningbouw. Het uitgaansgebied verhuisde van het Hofplein naar het Stadhuisplein. Er kwam een winkelcentrum - de Lijnbaan - het eerste in zijn soort, revolutionair voor die tijd. Aan de winkelkant was er ruim baan voor de klanten en de achterkant was bedoeld voor de expeditie. De Nootdorpse Parade is ook een typisch voorbeeld van die opzet, praktisch maar niet meer zo revolutionair als toen. De oude Coolsingel markeerde de westrand van het centrum. De nieuwe Coolsingel is het centrum van het centrum, het schoof een paar honderd meter op. De oude Coolsingel was 40 meter breed, de nieuwe 90 meter. Er moest veel ruimte, licht en lucht komen in de stad en je moest de rivier kunnen zien.

Lotte Stam-Beese had een belangrijke rol in het ontwerp van de nieuwe woonwijken als Pendrecht, Hoogvliet en Kleinpolder. Ze maakte zich hard voor woningbouw, waar er verkeersvrije binnenpleinen waren waar kinderen veilig konden spelen. Ze ontwierp de wijken door middel van clusters. Ook werd er gewerkt met systeembouw waarbij onderdelen kant-en-klaar aangeleverd werden. De metro van Rotterdam werd in 1968 geopend, die metrolijn bouwen in het oude Rotterdam zou een stuk moeilijker geweest zijn.

Het Kadaster heeft een mooie webpagina: www.topotijdreis.nl waar je kunt tijdreizen met behulp van historische kaarten. Als je hier de kaart van 1940 vergelijkt met die van 1957 dan zie je hoeveel er is veranderd. De kaarten van het kadaster geven de tijd tussen 1940 en 1957 niet weer, het grootste deel van het centrum was letterlijk met de grond gelijk gemaakt. Voor een Rotterdammer van voor de oorlog zou het moeilijk oriënteren zijn in het nieuwe Rotterdam. Er waren maar een paar ijkpunten: het Stadhuis, de Laurenskerk, de rivier.

De wederopbouw heeft voor Rotterdam van 1940-1970 geduurd. De lezing van Henk Stroeve duurde niet zo lang, er hoefde niet eens gepauzeerd te worden. Desalniettemin was het een informatieve lezing met interessante trivia over het oude en het nieuwe Rotterdam.

De volgende lezing van het HGOP die verzorgd wordt door de werkgroep Historisch Informatie Punt (HIP) gaat ook over de periode 1940-1945. De lezing gaat over Pijnackernaren in de Tweede Wereldoorlog. De lezing vindt plaats op maandag 19 mei 2025 in de bibliotheek Oostland aan de Julianalaan 47 in Pijnacker. De aanvang is om 20.00 uur, inloop vanaf 19.30 uur. Voor meer informatie zie: hgop-pijnacker.nl

Met ruim 120 bezoekers was het weer een drukke en gezellige bijeenkomst
Henk Stroeve, oud-commisaris bij de politie in Rotterdam, was een enthousiaste en deskundige spreker
Afbeelding
Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant