Lia Robroeks wordt op voorstel van het bestuur door de algemene ledenvergadering benoemd tot algemeen bestuurslid - coördinator lezingen, en met luid applaus verwelkomd.
Lia Robroeks wordt op voorstel van het bestuur door de algemene ledenvergadering benoemd tot algemeen bestuurslid - coördinator lezingen, en met luid applaus verwelkomd.

Volle zaal tijdens zeer boeiende lezing over Brielle bij het HGOP

Actueel 1.271 keer gelezen

‘Niet te onderschatten’, zo typeerde voorzitter Paul van Winden van het Historisch Genootschap Oud-Pijnacker (HGOP) de jaarlijkse ledenvergadering, voorafgaand aan de lezing, die op 17 april jl. in De Acker plaatsvond. Desondanks werden de jaarstukken ook deze keer weer in een sneltreinvaartje afgehandeld. Volgend jaar gaat de contributie met twee euro omhoog en die wordt dan, slechts, zestien euro.

Hoogtepunt was het afscheid van Joke van der Hulst, die de afgelopen jaren steeds boeiende lezingen met dito sprekers wist te organiseren. Talloze bekende namen wist ze naar Pijnacker te halen, waarvan Geert Mak in 2020 – aan de vooravond van corona – wel de bekendste is. Door de hoge kwaliteit van de lezingen is het aantal leden de afgelopen jaren verdubbeld en dat is vooral te danken aan Joke’s tomeloze inzet. Natuurlijk werd ze hiervoor terecht in het zonnetje gezet. Gelukkig is er ook een vervangster: Lia Robroeks nam het denkbeeldige stokje van Joke naadloos over. Na een korte pauze groeide het aantal van 30 aanwezige leden bij de ledenvergadering tot meer dan 100, die allemaal waren afgekomen op de lezing over Brielle. Roel Slachmuylders, wetenschappelijk medewerker van Historisch Museum Den Briel, kwam er speciaal voor naar Pijnacker en met zijn heerlijk sappige Vlaamse tongval wist hij het gehoor mee te krijgen in de gebeurtenissen, die zich in Brielle afspeelden rondom 1 april 1572.

Uit de schoolboeken
Op school leerden we vroeger dat op 1 april Alva zijn bril (Brielle) verloor en dat de watergeuzen daarbij betrokken waren. Maar hoe zat het nu echt? Wie waren die watergeuzen die aan het eind van de zestiende eeuw de Spaanse bezetters naar huis stuurden en dat combineerden met talrijke plunderingen? Daarvoor ging Slachmuylders eerst kort in op de historie van Brielle. Alles rondom 1 april 1572 – er is in Brielle een heuse 1 april-vereniging met zo’n 2.000 leden – is puur folkloristisch. De historie klopt namelijk niet helemaal. Brielle, dat sinds 1 januari 2023 deel uitmaakt van de gemeente Voorne aan Zee, is een vestingstadje. Bij een grote stadsbrand in 1548 gingen veel gebouwen in vlammen op. De Heren van Voorne verbleven vaker in Brielle dan in hun burcht in Oostvoorne. Zij trokken onder andere de dichter Jacob van Maerlant aan, die bekend werd door verhalen uit de klassieke geschiedenis, die hij berijmd overzette naar het Nederlands. Brielle haalde vanaf 1280 inkomsten uit de vuurboet- en tonnengelden, het loodswezen, de haringvangst en landbouwproducten. We weten dit onder andere uit een wastafeltje waarop dit is geschreven en dat in een beerput is gevonden. De Catharijnekerk is voor een deel gebouwd van deze opbrengsten. Dat de kerk niet is afgebouwd, komt omdat de vaargeul dichtslibde en de tolinkomsten achterbleven.

Watergeuzen
Het voorspel tot 1 april 1571 begon allemaal met de opkomst van het calvinisme vanaf 1566 vanuit Frankrijk. Willem van Oranje probeerde door een invasie de Spanjaarden te verjagen. In 1568 mislukte dat vanuit Duitsland. In 1572 probeerde hij het tevergeefs opnieuw, nu vanuit het westen. Door deze mislukkingen verloor hij al zijn bezittingen en had hij torenhoge schulden. Willem gaf daarom een kaperbrief aan een groep edelen en watergeuzen, die zo een soort ongeorganiseerde marine vormden. Zij vielen echter nauwelijks een doelwit aan. Desondanks was Willem erg gecharmeerd van de strategische ligging van Brielle en de heerlijkheid Voorne ten opzichte van het achterland.

1 april: bewust of toevallig?
Koningin Elizabeth I van Engeland zette druk op Spanje via de watergeuzen. Aanvankelijk gaf ze de watergeuzen gelegenheid om de Engelse havens te gebruiken, maar toen de watergeuzen ook Engelse schepen gingen kapen, werden ze verbannen. Ze wisten niet goed waarheen zij zouden trekken. Een deel trok naar de Hugenotenhaven La Rochelle. Volgens een brief in geheimschrift zouden de watergeuzen een aanval gaan plegen, maar een andere mogelijkheid is dat ze helemaal niet op weg waren naar Brielle, maar naar de Waddenzee. Er waren geen vastomlijnde plannen om schepen aan te vallen. Omdat de watergeuzen niet veel aan planning deden en de veelal goed geïnformeerde Alva geen maatregelen nam, lijkt het erop dat de aanval op Brielle geen vooropgezet initiatief was. Aanvoerder Lumey liet ook met slechts enkele woorden weten dat de stad genomen was. De datum van 1 april is alleen bekend van een Brielse burgemeester. Bijna 30 jaar later schreef historicus Pieter Bor ook over 1 april. Het is daarmee een eenzijdige en tweedehands bron. Spaanse bronnen, die dit kunnen bevestigen, zijn er niet.

Fake news?
Pieter Bor schreef dat een watergeuzenvloot van 26 schepen onder Lumey vanuit Engeland richting Noord-Holland voer, maar dat de draaiende wind deze naar het zuiden stuurde. De Brielse bevolking zou niet verontrust zijn geweest en gedacht hebben dat de vloot kwam schuilen voor de zware wind. Er brak pas paniek uit toen Lumey opdracht gaf de stad over te geven. Daarna vielen de watergeuzen de stad via de Noord- en Zuidpoort binnen. Op een prent van Brielle door Hogenberg is de inval van de watergeuzen via de Noordpoort afgebeeld. De Catharijnekerk staat echter afgebeeld met de toren op het westen gericht. De afgebeelde poort moet dus de Zuidpoort zijn. De enige man die tijdens de inname van Brielle om het leven zou zijn gekomen, zou Hans Onversaecht zijn, maar deze persoon is een hersenspinsel, verzonnen door een dominee. De Spaanse aanvoerder Boussu zou kerken en huizen hebben geplunderd, geschiedschrijver Bor noemt echter alleen kerken. Aanvoerder Lumey van de watergeuzen zou zich volgens verschillende bronnen begin november 1571 hebben bevonden op verschillende plaatsen. Boussu zat ondertussen op de noordelijke Maasoever en trok met Spaanse troepen de Maas over. Die tegenaanval mislukte door het gebrek aan kanonnen en door het onder water zetten door de geuzen van landerijen rondom Brielle. Bronnen spreken elkaar tegen of de sluis hiervoor stukgehakt of geopend zou zijn. Terwijl de Spanjaarden terugtrokken, veroverden de watergeuzen diverse plaatsen op het Hollandse vasteland, later ook richting het zuiden.

Betrouwbare bronnen?
Dat alles roept de vraag op welke bron betrouwbaar is? Slachmuylders stipte daarmee het hoofdprobleem aan van de geschiedenis als wetenschap: geschiedenis is geen exacte wetenschap, gebaseerd op observatie, maar een menswetenschap die uitgaat van informatie die door mensen is aangeleverd. Mensen zijn echter niet objectief, kunnen zich vergissen, kunnen liegen, zijn soms lui of gemakzuchtig en ze sterven, waardoor informatie verloren gaat. Voor de vraag wat de waarheid is, kunnen historici een beroep doen op bronnen van ooggetuigen, maar die zijn niet altijd voorhanden. Auteurs schrijven informatie vaak over van anderen zonder goede controle. Daarmee kwam de lezing tot een einde, maar vermeldenswaardig is zeker dat Roel Slachmuylders zijn roeping als acteur heeft misgelopen, want zoals hij de marcherende Spaanse troepen nabootste, doet niemand hem na! Zijn verhaal vormde een boeiende opmaat voor de excursie van het HGOP op 6 mei a.s. naar Brielle, maar deze is nu al helemaal volgeboekt.

De volgende lezing vindt plaats in de bibliotheek op 10 mei a.s. en wordt georganiseerd door de Hippers. De molens in Pijnacker staan dan centraal. Meer informatie over het HGOP is te vinden op www.hgop-pijnacker.nl.

Roel Slachmuylders bleek naast een enthousiast verteller ook een getalenteerd cabaretier.
Voorzitter Paul van Winden spreekt lovende woorden over de inzet van Joke van der Hulst, die veel kwalitatief hoogwaardige lezingen heeft georganiseerd en die na 8 jaar afscheid neemt als bestuurslid van het HGOP.
Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant