Angela van der Bulk ontvangt van voorzitter Paul van Winden een tekening van haar ouderlijk huis gemaakt door Jan van der Sman.
Angela van der Bulk ontvangt van voorzitter Paul van Winden een tekening van haar ouderlijk huis gemaakt door Jan van der Sman.

Gezellig avondje kaarten bij het HGOP

Actueel 488 keer gelezen

Op 29 maart jl., ruim twee jaar na het begin van de coronapandemie, organiseerde het Historisch Genootschap Oud-Pijnacker (HGOP) voor het eerst weer een activiteit. Hoogleraar Lotte Jensen van de Radboud Universiteit in Nijmegen verzorgde toen een lezing over de Sint Elisabethsvloed in 1421, ook een ramp. 

Beslist geen ramp was de bijzonder succesvolle actie van het HGOP in samenwerking met supermarkt Plus eind 2021. ‘Heel Pijnacker plakt’, leek het wel. Ruim 2.500 albums zijn volgeplakt met historische plaatjes van Pijnacker. Er ontstond een hevig ruilverkeer van dubbele plaatjes wat wel eens problemen opleverde met het voldoende afstand houden. Gelukkig hoeft dat nu niet meer, maar het lijkt toch wel een beetje of rampen een rode draad vormen in het lezingenprogramma van het HGOP. Ook op de avond van 26 april ging het namelijk over enkele onheilspellende gebeurtenissen. Maar gelukkig bleef het gezellig en hoorden de circa 75 bezoekers aan de hand van heel veel verschillende kaarten ook allerlei leuke en interessante feiten.

Voorafgaand aan de lezing vond nog de ledenvergadering plaats, waarin de afgelopen drie verenigingsjaren werden verantwoord. Angela van den Bulk nam na ruim tien jaar afscheid, zij stopt met de financiële en ledenadministratie. Maar gelukkig was er ook een heuglijk feit. Na vijf jaar is er weer een secretaris: Olaf Korpel. Het bestuur bestaat verder uit voorzitter Paul van Winden, penningmeester Rob Kerklaan en Joke van der Hulst, die de lezingen en excursies organiseert.

Kaarten en gebeurtenissen
Daarna stonden historische kaarten centraal. Marieke van Delft, voormalig conservator bij de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag, en haar echtgenoot Reinder Storm, conservator cartografie, geografie en reizen aan de Universiteit van Amsterdam, waren speciaal naar Pijnacker gekomen om in De Acker te vertellen over het lijvige boekwerk dat zij samen schreven in 2019: ‘De geschiedenis van Nederland in 100 kaarten’; een zeer succesvol boek, dat al verschillende drukken kent. Marieke van Delft trad op voor de pauze. Zij maakte voor uitgeverij Lannoo al enkele facsimile-uitgaven en nu kwam vandaar de vraag om een boek over historische kaarten te maken. Het geheel moest alomvattend en evenwichtig zijn, dus moesten belangrijke kaarten, cartografen, alle Nederlandse provincies én de voormalige koloniën vertegenwoordigd zijn. Én de kaarten moesten ook nog uit verschillende openbare collecties komen. Zij goot dit alles in een raamwerk en daarmee begon het grote schrijven, overleggen, veranderen, schrappen en toevoegen.

De oudst bekende Nederlandse kaart in het boek, is de zgn. Aardenburgse Moer. Het is een omschrijving in woorden van een ruimte, namelijk over de bouw van een kerk. Het schilderij van de Sint Elizabethsvloed, dat Lotte Jensen in haar lezing ook liet zien, is feitelijk ook een kaart, omdat een gebied wordt afgebeeld. Zo vlocht Van Delft de kaarten en verhalen aan elkaar. Van een kaart met het Hanzeverbond uit 1500 ging het via het Visboek van de Scheveninger Adriaen Coenen uit 1579, met aanwijzingen welke haring je waar vangt, naar de kaart van Floris Balthasar uit 1611 van Schieland en Delfland. Tussen alle polders, slootjes en vaarten was ook Pijnacker te ontdekken. Van Delft en Storm hadden hun best gedaan om zo af en toe even stil te staan bij kaarten waarop Pijnacker staat.

Kaarten maken en materialen
Maar ook over hoe je nu een kaart maakt, ging Van Delft in. Je hebt landmeters, tekenaars, graveurs, drukkers en uitgevers nodig. En ook inkleurders. Kortom, het is een heel proces. Met de driehoeksmeting die Gemma Frisius in 1533 uitvond, en de Hollandse cirkel, een instrument met draaibare vizieren, waarmee je heel nauwkeurig een hoek opmeet, kon het landschap letterlijk in kaart worden gebracht.

Kaarten zijn er natuurlijk op papier of op linnen. Heel bijzondere kaarten zijn de twee wereldhelften op de vloer van de Burgerzaal in het Paleis op de Dam, het vroegere stadhuis van Amsterdam. Die kaarten zijn ingelegde lijnen van koper in marmer. Rond 1750 zijn ze bijgewerkt, omdat de oorspronkelijke kaarten versleten waren omdat er zoveel mensen overheen hadden gelopen.

Anna Beek van Westerstee was een van de weinige vrouwelijke cartografen. Zij maakte een kaart van het Binnenhof tijdens het Tweede Stadhouderloze Tijdperk. Soms beeldden cartografen zichzelf af op kaarten, zoals op een kaart uit 1753 van Walcheren. Je kunt daarop ook zien wat ze allemaal aan gereedschappen meenamen in hun kar. En op een kaart uit 1867 met daarop aangegeven uitbraken van cholera kun je zien dat die vooral ontstonden bij waterputten. De laatste kaart in het boek is die van de Watersnoodramp van 1953, waarvan er voor het herdenkingsboek ‘De ramp’ 675.000 werden gedrukt.

Onderwerpen en thema’s
Na de pauze ging Reinder Storm verder met verhalen over de inhoud van kaarten. Heel wat kaarten in het boek gaan over politieke of staatkundige geschiedenis, zoals de Brittenburg, een in de Noordzee verdwenen Romeins fort bij Katwijk. Cartografie en oorlog zijn ook innig met elkaar verbonden. Kaartenmakers komen vanzelfsprekend uitgebreid aan bod, zoals Ortelius en Mercator. In 1877 bracht schoolmeester P.R. Bos de ‘Schoolatlas der gehele aarde’ uit. Elke paar jaar als er nieuwe informatie was, verscheen een nieuwe druk. Pas vanaf 1968 is de naam ‘Bosatlas’ in gebruik. In de editie van 1899 komt Pijnacker nog niet voor, maar vanaf 1902 wel.

Ook water zien we prominent in beeld op verschillende kaarten: overstromingen, maar ook het Pannerdensch kanaal, de zgn. hoofdkraan van Nederland. Kruikius maakte in 1712 een kaart in 25 delen van het hoogheemraadschap van Delfland die het polderbeheer laat zien. Blad 19 toont Pijnacker. Kruikius maakte een overlap om de kaarten goed op elkaar te laten aansluiten. Ook steden en regio’s, transport en handel zijn thema’s die op de kaarten terugkomen. Zo kwamen veel verrassende kaarten voor het voetlicht en werden kleine geschiedenissen met elkaar verbonden. Al met al was het een leerzame avond waarbij Pijnacker en het HGOP nu weer letterlijk op de kaart staan.

Nieuwe lezing
De volgende lezing dient zich al weer snel aan. Op 16 mei a.s. komt professor Paul van Geest spreken over Adrianus VI, de enige Nederlandse paus. Houd voor deze en toekomstige activiteiten van het HGOP de website in de gaten:
www.hgop-pijnacker.nl.

Door: Ron Brand

Kaartenlezing door Marieke van Delft.

Uit de krant