Woningmarkt weer wat rustiger
Het 1e kwartaal 2026 laat een rustiger marktbeeld zien in de Afdeling Haaglanden. Ten opzichte van een jaar geleden zijn er 3% meer woningen verkocht, maar ten opzichte van het voorgaande kwartaal 24% minder (2.337 woningen). Dat meldt NVM.
In de Gemeente Pijnacker-Nootdorp is t.o.v. het 1e kwartaal 2025 het aantal verkopen gedaald met 12% (94 woningen) en t.o.v. het voorgaande kwartaal gedaald met 42,8%. T.o.v. een jaar geleden zijn de prijzen gestegen met 1,3% en t.o.v. het voorgaande kwartaal gestegen met 0,8%. De gemiddelde transactieprijs bedraagt momenteel € 638.419,=. De gemiddelde verkooptijd bedraagt 34 dagen versus 28 dagen een jaar geleden. Het percentage boven de vraagprijs verkochte woningen in het 1e kwartaal 2026 is 82,9%. De krapte-indicator is 2,9, deze was een jaar geleden 1,4. In de trend van de woningmarkt worden er in het 1e kwartaal altijd minder woningen verkocht dan in het 4e kwartaal van het voorgaande jaar, maar de daling is nu sterker dan gebruikelijk in deze periode. De gemiddelde transactieprijs in onze Afdeling is t.o.v. het voorgaande kwartaal licht gedaald (0,2%) naar een gemiddelde van € 499.000,=. T.o.v. een jaar geleden is dit een stijging van 2,9%. De gemiddelde prijs per m² gebruiksoppervlakte wonen is ook gedaald t.o.v. het voorgaande kwartaal met 1,1% (€ 4.934,=) en t.o.v. een jaar geleden gestegen met 3,7%. In onze Afdeling zien wij de gemiddelde verkooptijd wat oplopen naar 35 dagen, waar dat een jaar geleden nog op 33 dagen lag. Daarbij loopt ook de krapte-indicator op van 2,4 een jaar geleden naar 3 in het 1e kwartaal 2026. Wanneer wij daarbij ook vaststellen dat het gemiddelde verschil tussen vraagprijs en betaalprijs iets afneemt van 3,8% naar 2,8% en er in 65% van de gevallen boven de vraagprijs wordt verkocht (68% een jaar geleden), kan gesteld worden dat de markt in onze Afdeling dus iets rustiger wordt. Tegelijk, voor een evenwichtige markt is een krapte-indicator tussen 5 en 10 nodig en met overbieden in twee/derde van de gevallen, is het te vroeg om te stellen dat er sprake is van een evenwichtige markt.
Wanneer we kijken naar de aanbodcijfers in onze Afdeling aan het einde van het 1e kwartaal 2026, zien wij dat het aanbod aan het oplopen is. Er is een stijging van 29% ten opzichte van een jaar geleden en een stijging van 3% ten opzichte van het voorgaande kwartaal. Daarbij zien wij ook dat de vraagprijzen iets oplopen hoewel deze stijging beperkt is.