
Overwinterende vleermuizen
Alle vleermuizen die in Nederland voorkomen voeden zich met vliegende insecten. Die zijn schaars in de winter en dus moeten vleermuizen een winterslaap houden.
Door Caroline Elfferich
In het najaar gaan vleermuizen op zoek naar een geschikte plek om de winter door te brengen. Ze zijn daarbij tamelijk kieskeurig en dat is logisch, want hun leven hangt er van af. Als ze in winterslaap gaan koelt het lijfje van een vleermuis af tot ongeveer de omgevingstemperatuur. Bij een lage temperatuur verbruiken ze minder energie uit hun vetreserves dan bij hogere temperaturen en daarom moet de overwinteringslocatie niet te warm zijn. De zoogdiertjes zijn gevoelig voor vorst en uitdroging, dus de ruimte moet koel, vorstvrij en vochtig zijn. De ene vleermuissoort kan in overwinteringsgedrag verschillen van de andere. Verreweg de meest algemene vleermuis in de gemeente Pijnacker-Nootdorp is de gewone dwergvleermuis, die gebouwen gebruikt als zomer- en winterverblijf. Ze vestigen zich in holtes in woonhuizen, bijvoorbeeld in spouwmuren of onder dakpannen. Dwergvleermuizen gaan minder diep in winterslaap dan andere vleermuizen en daardoor zijn ze minder gevoelig voor uitdroging. Als de buitentemperatuur boven de 8 °C stijgt, gaan ze er op uit om te jagen en te drinken. Overwinterende dwergvleermuizen treft men soms aan in gebouwen die gesloopt worden en ze komen ook wel eens per ongeluk binnenshuis in hun speurtocht naar geschikte holletjes.
Naast de gewone dwergvleermuis komt in ons dorp de ruige dwergvleermuis voor. Uit ringonderzoek is gebleken dat ruige dwergen in de herfst naar warmere streken trekken om te overwinteren. Daarbij kunnen ze meer dan duizend kilometer afleggen. In Nederland overwinteren ruige dwergen uit het noorden en oosten van Europa. Ze zijn hier ook in de zomer, maar in kleinere aantallen dan de gewone dwergvleermuis. Ruige dwergen overwinteren vaak in gebouwen en daarnaast waarschijnlijk in oude holle bomen. De laatvlieger, een minder algemene en grotere vleermuissoort, legt tijdens de trek kleinere afstanden af dan de ruige dwergvleermuis. Laatvliegers leven net als dwergvleermuizen in de bebouwde kom en overwinteren in gebouwen. Verder kun je in Pijnacker-Nootdorp watervleermuizen verwachten. Die houden van een vochtig winterverblijf. Op 11 januari bezocht ik met Kees Mostert, die al jaren onderzoek doet aan vleermuizen, een in onbruik geraakt gemaal bij de Hertenkamp in Delft. Daar zit een kleine kolonie watervleermuizen in een oude droogstaande watergang onder het gebouw. Helaas vonden we tijdens ons bezoek geen overwinterende watervleermuizen.