Koos Meinderts las voor en beantwoordde tal van vragen.
Koos Meinderts las voor en beantwoordde tal van vragen.

Schrijver Koos Meinderts bij De Schatkaart

Na een maand vol kinderboeken en kinderpoëzie en liedjes van Koos Meinderts op basisschool De Schatkaart, waren er op donderdagochtend 26 januari vier mooie ontmoetingen tussen de klassen en de schrijver.

In groep 1/2 en 3/4 ging het over het net verschenen boek 'Kak zei de ezel van de schrijver. Een boek met 101 Engelse nonsens-rijmen en de vertalingen van Koos Meinderts, die nog leuker en spitsvondiger zijn dan de originelen. De kinderen konden naar hartenlust meedenken en meerijmen. Bij de vragen die daarna gesteld werden, ging het alle kanten op: "Hoe oud bent u?" "Hoeveel boeken heeft u geschreven?" "Wat is uw mooiste boek?" "Hoe maakt u al die boeken?" "Maakt u ook de tekeningen?" "Welke van uw liedjes vindt u het mooist?" Koos vertelde dat hij het liedje Mijn vader is een leugenaar, dat gezongen wordt door Harrie Jekkers met het Klein Orkest het mooist vindt omdat het gaat over zijn eigen vader. Die vertelde hem vroeger eindeloos veel gefantaseerde verhalen. Dit heeft hem uiteindelijk ook geïnspireerd om zelf schrijver te worden.

In de groepen 5/6 en 7/8 kwam een ander recent boek van Meinderts aan de orde: Naar het noorden. Dit boek gaat over Jaap die met z'n zusje en broertje in de hongerwinter naar Friesland gaat om daar als stadse bleekneus een beetje aan te sterken. Jaap wordt daar gescheiden van zijn broertje en zusje, mist zijn ouders en moet flink van zich afbijten om in die nieuwe wereld een plek te veroveren. Ook in deze klassen was er een geanimeerd gesprek. De bekende ballade van de koning die de dood wilde verslaan kwam natuurlijk ook aan de orde. Verder werd ook gevraagd naar zijn mooiste gedicht. Het toeval wilde dat dit gedicht ook opgenomen is in het net verschenen kinderpoëziebundeltje van de Schatkaart omdat dat ook het favoriete gedicht van juf Debbie is.

Hieronder het gedicht:

Mooie woorden

De dichter in zijn huisje, natuurlijk bij de zee, hij spaarde mooie woorden die hij in een doosje deed.
Het doosje raakte vol en de dichter raakte leeg. Hij deed het doosje open, de dichter voortaan zweeg.
Want de woorden kregen vleugels en ze volgen ervandoor. Ze vlogen in een mooie V op zoek naar een gehoor.

In de takken van de treurwilg of in een veld vol graan, kun je, als je stil bent, de woorden soms verstaan.
Ze zingen van de dichter in zijn huisje aan de zee. Hij spaarde mooie woorden die hij in een doosje deed.