Logo telstar-online.nl
COLUMN

Pesten is een goed teken

  •   keer gelezen   Columns

Begrijp me niet verkeerd met deze titel, want pesten is helemaal geen goed teken, na elf jaar kids op de basisschool weet ik daar alles van, maar als je een rouwende ouder bent schijnt het een goed teken te zijn. Ik zal het uitleggen, ik heb een puber en pre-puber van het mannelijk geslacht en sinds een maand of zeven kluns ik mij nu alleen door de opvoeding heen.

Dat deed ik al grotendeels alleen, maar het is nu toch anders. Zo ook die avond dat één van de onbezoldigde ooms een hapje mee-at na de installatie van het drumstel van manlief op zolder voor de oefeningen van de pre-puber die besloten heeft, net als zijn vader, ook iets muzikaals te gaan doen. De onbezoldigde oom (dat is een vriend waar wij er meerdere van hebben, iemand van het mannelijk geslacht die af en toe de rol speelt van huiswerkbegeleider, bandenplakker, voetbalsupporter en sportleraar) prikte vrolijk in de kip, merkte op dat hij eigenlijk altijd kip krijgt hier, daar moet ik dus wat aan doen, maar de jongens vinden dat zo lekker en terwijl ik dat denk zegt de puber: "oh, mam, wist je al dat de hamster dood is, sinds gisteren, we durfden het je nog niet te vertellen, maar nu ome R er is wel.

Want we waren niet zeker hoe je zou gaan reageren." Daar hebben ze een punt, met Spaans temperament valt per slot van rekening niet te sollen, maar terwijl ik naar het gebogen hoofdje kijk van de pre-puber vermoed ik het ergste, de waarheid. Het zal toch niet zo zijn dat onze troosthamster Jake, pas zes maanden oud, met de meest luxe hamstervilla inclusief sportzaal en verse groente en fruit, met in zijn slaapvertrekken naar lavendel ruikende kantoenen reepjes, er niet meer is. Ik roep hard dat ik er geen barst van geloof, de onbezoldigde oom kijkt ineens ook wat waterig verschrikt van links naar rechts. "Het was een ongelukje, ik wilde met hem spelen, haalde hem uit zijn kooitje, struikelde en toen kwam hij onder mijn voet en brak zijn nek", zo vertelt de pre-puber met zijn hoofdje gebogen en zijn schoudertjes schokkend van verdriet. Ik vraag waar Jake nu is. "Doorgespoeld in de wc in de badkamer", is het ferme antwoord van de oudere broer die zijn gevoelens nooit zo toont en nu sterk moet zijn.

Ik stamel dat ik het nog niet helemaal kan bevatten. "Kom maar mee naar mijn kamer, dan kun je zijn lege kooi zien, dan geloof je het misschien" zegt de jongste die mij met zachte hand naar de trap leidt. Achter hem sjok ik naar boven, mijn hoofd vol afgrijzen, mijn hand alvast voor mijn mond want ik weet dat bij de aanblik van die lege kooi ik zo hard ga huilen omdat dit de druppel is die al mijn opgekropte verdriet van de afgelopen tijd zal uitstorten als een waterval over dorstige gronden. Ik ga zachtjes op het kinderbed zitten. "Kijk", zegt de jongste...en ik kijk en zie de pientere bruine kraaloogjes van de allerliefste Siberische dwerghamster die er bestaat, die reikhalzend kijkt waar de zonnebloem-pitjes blijven. "You've been pranked", schreeuwt de keihard lachende pre-puber die teveel naar die YouTube-filmpjes kijkt waar al die arme ouders in de zeik worden genomen.

Het schokken van de schoudertjes kwam van de slappe lach, legden ze beneden uit en de oudste gaf toe dat de onbezoldigde oom hen hartgrondig had uitgemaakt voor een stelletje kutkinderen. Een compliment, zo vond hij. Bij de deur vertrouwde de huisvriend me toe: "Dat ze je juist niet ontzien is volgens de psychologie een heel goed teken", hij geeft mij een bemoedigende knuffel en ik sluit de deur en bedenk wat ik morgen voor ze ga koken, geen kip, misschien wel spruitjes. Ik krijg ze nog wel. Wordt vervolgd.

Manuela Bijl

Image and video hosting by TinyPic

Meer berichten