Logo telstar-online.nl

Kerstcolumn. Elke dag kerst

  •   keer gelezen   Columns

Telstar-journaliste Manuela Bijl lucht traditiegetrouw rondom kerst even haar hart op Telstar Online. Een stichtelijk woord. Gewoon, omdat het kan.

Ze keek naar buiten door de ramen van de loods en zag de slagregen schuin op de straten slaan. Ze zuchtte. Ook dat nog. Ze keek naar de doos die op haar stond te wachten. Zou het karton de fietstocht doorstaan of moest ze straks ook nog achter wegrollende mandarijntjes aan? “Hé, als je eventjes wacht dan rijd ik je naar huis, moet toch die kant op”, zegt hij argeloos zodat het niemand opvalt behalve haar. Ze glimlacht en knikt bij wijze van acceptatie met haar hoofd.

Onderweg luistert ze naar zijn verhalen over wat hij met de feestdagen gaat doen. Hij is zichtbaar opgelucht dat hij één dag voor zichzelf heeft. De bij de boedelscheiding achtergelaten schoonfamilie was één van zijn hoogtepunten uit 2012. Hij draagt de doos naar boven en ze spreken af om een keer koffie te gaan drinken, als de zon weer schijnt. Ze telt in gedachten al de dagen tot het weer lente wordt.
De volgende ochtend is ze als eerste wakker. Ze loopt zachtjes naar de woonkamer waar het nog ijskoud is. Ze steekt alvast alle kaarsen aan, met het wierookstokje wat ze kreeg van een vriendin. Die vriendin die haar altijd aan het lachen maakt, maar er ook is als het minder gaat. De kamer vult zich met de weldadige geur die haar doet denken aan lang vervlogen tijden. Naar die ene zomer waarin ze dacht dat liefde oneindig geven betekende. Naar de zomer waarin ze hand in hand verliefd langs de zee liepen, het zand dat tijdens het lopen zachtjes hun voeten deed kneden en er soms voor zorgde dat ze tegen elkaar aanstruikelden waarna elkaars lippen samensmolten terwijl de zon verdween en de het begin van de verkilling kwam.

De angst had plaatsgemaakt voor woede en had haar tot keuzes gedwongen. Keuzes die eerst onmogelijk leken, maar nu terugkijkend de garantie bleken te zijn voor een toekomst waarin de liefde voor haar kinderen net zo belangrijk is als de liefde voor haarzelf. Het was allesbehalve eenvoudig om de eindjes aan elkaar te knopen, elke dag was een uitdaging en soms won de deemoed van de hoop.
Ze trok de oude geruite badjas dichter om zich heen en huiverde, maar niet meer van angst, kou was te verdrijven. Ze was verantwoordelijk voor haar leven zonder dat ze bang hoefde te zijn voor hem, zijn denigrerende verbale zweepslagen. De keren dat hij naar haar keek en teleurgesteld bleek in alles wat hij zag. Jarenlang had ze liever dat hij ongeïnteresseerd deelnam aan het gezin, afgeleid door het leven van daarbuiten, zonder hun wereld echt te zien. Ze had hem geholpen met het inpakken van zijn spullen en was aardig tegen zijn geliefde, zij zou het ooit wel zien.

De kinderen holden naar haar toe, verrast door wat ze zagen. “Oh, mam, wat heb je mooi gedekt, je hebt onze tekeningen van het hele jaar als tafelkleed gebruikt. En wat lekker, beschuit met muisjes, blauwe en roze, allebei! Ik vind ze het lekkerst op een eierkoek. Mag ik nu mijn door jou gebreide sokken aan? Ze zijn te groot, maar zo lekker warm. Wat vind je van mijn cadeau voor jou? Die steen heb ik zelf gevonden, langs het strand, zie je dat het de vorm heeft van een hart? Zoveel hou ik nou van jou. Mogen we dit jaar wel de Kerstliedjes aanzetten. Bij papa mag het niet, maar ik weet dat jij er zo van houdt.”
Ze lacht en voelt de tranen komen. Zaterdag gaat ze lichtvoetig naar de voedselbank. Voor haar is er elke week een doos. Ze denkt er niet meer over na. Het pakket bracht haar grenzen, maar meer nog vrijheid. Ze telt haar zegeningen.

Manuela Bijl

Meer berichten