Logo telstar-online.nl
<p>Vrouwtje huismus (foto: Adri de Groot; www.vogeldagboek.nl)</p>

Vrouwtje huismus (foto: Adri de Groot; www.vogeldagboek.nl)

Tjielp, tjielp!

  •   keer gelezen   Actueel

Een mannelijke huismus laat in het voorjaar met getjielp weten waar hij een nestje heeft, of wil beginnen. Dit eenvoudige, aanhoudende gezang inspireerde Jan Hanlo (1912-1969) tot een gedicht met als titel: ‘De mus’.

Het gedicht bestaat uit twintigmaal ‘tjielp’ en eindigt met ‘etc.’. In 1993 heeft men het in Leiden op een muur geplaatst. Als ik ergens huismussen hoor tjielpen, dan moet ik soms aan dit gedicht denken. Tegenwoordig gebeurt dat niet meer zo vaak, want huismussen zijn veel minder talrijk dan vroeger. Veertig jaar geleden waren ze in mijn beleving ontelbaar en ik dacht dat dit altijd zo blijven zou. Uit een grafiekje in de SOVON atlas van 2018 blijkt echter dat omstreeks 1990 de populatie huismussen halveerde, om daarna te stabiliseren op circa 800.000 broedparen. Uitgaande van mijn eigen ongeregistreerde waarnemingen, zou ik de instorting van de populatie huismussen veel dramatischer inschatten dan SOVON. Vroeger hoorde je tijdens het broedseizoen overal getjielp, nu valt het slechts hier en daar te beluisteren. Vanaf 1984 inventariseer ik broedvogels. Huismussen telden we destijds niet, want dat was niet te doen. Ze zaten dolletjes te tjielpen in het struikgewas, nooit zag je ze allemaal tegelijk.

In Pijnacker weet ik op dit moment nog een aantal plekken waar kleine kolonies huismussen dapper standhouden. Zo werd ik enkele jaren geleden in de Weigelialaan getroffen door nostalgische gevoelens bij de aanblik van zes tjielpende mussenmannen in een dakgoot. Een bewoner uit die straat vertelde me dat er vele jaren een mussenkolonie zat in enkele grote coniferen aan het begin van de straat. Bij het vernieuwen van Pijnacker-Noord zijn deze coniferen verdwenen. Nu broeden de mussen onder de dakpannen.

De afgelopen decennia is er veel gespeculeerd over de mogelijke oorzaken van de achteruitgang van de huismus. Zouden infectieziekte of bestrijdingsmiddelen een rol spelen? Of zou er sprake zijn van een gebrek aan voedsel, veiligheid of voortplantingsmogelijkheden? In de artikelen die ik er over heb gelezen komt niet duidelijk één oorzaak naar voren. Waarschijnlijk spelen meerdere oorzaken een rol. Huismussen houden niet van versteende tuinen met schuttingen. Daar zijn geen insecten voor de jongen te vinden, geen voedzame onkruidzaden en geen schuilplekken bij gevaar. Als ik zie waar de huismussen in Pijnacker nu nog voorkomen, dan is dit vaak aan de rand van de bebouwde kom en in de nabijheid van een extensief beheerd stukje grasland of weelderige begroeiing die niet strak en netjes wordt onderhouden.

Caroline

Meer berichten