Logo telstar-online.nl
Voor Hanneke van de Gevel is het bestuurlijke werk in deze tijd nog uitdagender geworden.
Voor Hanneke van de Gevel is het bestuurlijke werk in deze tijd nog uitdagender geworden.

Bevlogen zorgwethouder gaat vol ambitie door in coronatijd

  •   keer gelezen   Actueel

Pijnacker-Nootdorp - De jeugdzorg, de participatiewet en de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) en dat in tijden van de coronacrisis, ga er maar aan staan als wethouder. Waar in veel gemeenten het Sociaal Domein is verdeeld over meerdere wethouders, heeft Hanneke van de Gevel het hele sociaal domein in haar takenpakket.

Dit betekent dat zij zich bezighoudt met de onderwerpen: gezondheidszorg, jeugdzorg, GGZ, GGD, Veilig Thuis, dagbesteding, hulpmiddelen, WMO en bijstand. Een portefeuille die op zichzelf al complex is, maar zeker in deze tijden voor uitdagingen zorgt. “Ik heb mij hard gemaakt voor dit takenpakket. De inhoud van de verschillende onderwerpen zijn nauw met elkaar verbonden. Ik ben dan ook van mening dat het nodig is om de verbinding te zoeken tussen de verschillende onderwerpen en de diverse betrokken partijen.”

Bijzondere tijden
De vele onderwerpen die vallen onder haar verantwoordelijkheid in combinatie met de coronacrisis, maakt dat Van de Gevel (nog) drukker is dan normaal. Avond- en weekendwerk is eerder regel dan uitzondering. “Het zijn bijzondere tijden waarin heel veel op ons afkomt. Neem bijvoorbeeld de bijstandsregeling voor zelfstandig ondernemers, waaronder zzp’ers. Van oudsher werken we voor deze regeling samen met het Regionaal Bureau Zelfstandigen, RBZ, in Rotterdam. Zij verzorgen voor 21 gemeenten de uitvoering. Voor de tijdelijke nieuwe regeling, de zogenoemde Tozo, werden veel aanvragen gedaan. Ik merkte dat het RBZ niet bij machte was om alle aanvragen binnen vier weken te verwerken. Dit zou betekenen dat veel van onze ondernemers niet tijdig de financiële ondersteuning zouden krijgen, die ze nodig hebben om te kunnen blijven voorzien in hun levensonderhoud. Ik heb hierop direct ingegrepen en de verwerking naar ons toegetrokken. We hebben het benodigde proces in zeer korte tijd ingericht en medewerkers omgeschoold. Nu hebben we zelf het overzicht en de regie. De eerste betalingen hebben inmiddels plaatsgevonden. Dat is een opluchting en een groot compliment aan onze medewerkers”, aldus Van de Gevel.

Dagbesteding
Ook de dagbesteding zorgde al snel voor grote uitdagingen. Van de Gevel: “Er ontstonden eigenlijk direct grote problemen. In veel gevallen hebben we te maken met cliënten die heel erg behoefte hebben aan structuur. Wanneer duidelijkheid en voorspelbaarheid wegvallen, ontstaan er problemen zoals vereenzaming of gedragsproblemen. Daarom worden sommige mensen nu met regelmaat gebeld, anderen worden opgehaald voor een wandeling of krijgen spullen aan huis. En een aantal mensen krijgt toch dagbesteding op de vertrouwde locatie. Uiteraard worden daarbij de hygiënemaatregelen en het 1,5 meter afstand houden nageleefd. Het is echt allemaal maatwerk!”

Er moest in korte tijd veel worden georganiseerd. “Gelukkig kunnen onze inwoners rekenen op een groot netwerk van welzijnsorganisaties, met wie wij als gemeente nauw samenwerken. Zo wordt er vanuit het SBJ-SamenSterk! - SWOP, Jongerenwerk, Bieb - veel op afstand georganiseerd. Contact verloopt bijvoorbeeld telefonisch of via Skype. Dit geldt voor zaken zoals mantelzorgondersteuning, de formulierenbrigade, de boodschappendienst, de beweegcoach, etc.”

Vrijwilligers
De wethouder is aangenaam verrast door de vele initiatieven in ons dorp. “Ik vind het mooi om te zien hoe vrijwilligers zich nu inzetten. Dat varieert van kaartjes sturen, bloemen bezorgen, hartjes haken en bellen, tot muziek regelen bij een locatie waar veel ouderen of verstandelijk beperkten wonen. Zo’n initiatief als Heel Pijnacker-Nootdorp Helpt! op Facebook is natuurlijk geweldig. Ik weet bijvoorbeeld dat buurtschap Craeyenburch en een aantal andere locaties van Ipse de Bruggen gebruik heeft gemaakt van de mondkapjes die zijn gemaakt door de ‘naaisters’ van Heel Pijnacker-Nootdorp Helpt! Zij zijn hier erg blij mee. Het zou mooi zijn als dit soort vrijwillige particuliere initiatieven blijven bestaan, ook ná de crisis.”

Regio
Er zijn gemeenschappelijke regelingen waar meer gemeenten in zitten zoals het servicebureau jeugdzorg, GGD en Veilig Thuis. Op veel onderwerpen werken gemeenten samen om uitdagingen het hoofd te bieden. Ze maken daarbij graag gebruik van de 32 jaar zorgervaring die Hanneke van de Gevel heeft. “Als oud-verpleegkundige en later zo’n zeventien jaar in het management van een grote zorgorganisatie én daarnaast als mantelzorger, weet ik hoe de hazen lopen. Mijn motto is nog altijd minder knieën onder het bureau en meer handen aan het bed! En dat geldt nu zeker! Ik laat echt niet de kaas van mijn brood eten”, zegt zij standvastig.

Praktijkondersteuners
Huisartsen vormen een zeer belangrijk onderdeel in de zorg. “Er is nauw contact tussen de huisartsen en de gemeente. De berichten die wij krijgen is dat onze huisartsen het werk nog goed aankunnen”, vertelt Van de Gevel. Het goede contact heeft in het afgelopen jaar ook geresulteerd in een succesvolle samenwerking op het gebied van Jeugdzorg. Van de Gevel: “In Pijnacker-Nootdorp was een groot jeugdzorgverbruik. De kosten liepen op tot zo’n tien miljoen euro per jaar. Wij zijn daarom met een aantal huisartsen individueel in gesprek gegaan. Huisartsen verwezen kinderen vaak naar de jeugdzorg. Kinderen kregen uiteraard hulp van jeugdzorginstanties, maar de grote vraag is of daarmee de problemen ook worden opgelost.” “Naar aanleiding van de gesprekken met de huisartsen, hebben wij praktijkondersteuners vanuit ons eigen kernteam aangeboden. Een praktijkondersteuner heeft meer tijd om een kind in het netwerk te zien en dus goed te analyseren. We kunnen problemen nu integraal aanpakken. Een kind kan bijvoorbeeld last hebben van de stress die gepaard gaat met schulden en ruzies van de ouders. Of een kind kan niet goed meekomen op school door een gebrek aan leermiddelen. Wij gaan op zoek naar de oorzaak van een probleem en pakken het bij de bron aan.” De wethouder vervolgt: “Het komt ook voor dat wij een kind of het gezin zelf enkele keren snel en doelmatig therapeutisch behandelen. Dankzij deze samenwerking kunnen we ervoor zorgen dat een kind niet onnodig een stempel krijgt, niet op een wachtlijst komt, enzovoort. Ouders blij, huisartsen blij, docenten blij en blije kinderen. Daar doen we het voor!”

Kernteams
Wat is de rol van de kernteams? “Daar zitten zorgprofessionals met hun eigen deskundigheid. Doordat mensen veel meer thuis en op elkaars lip zitten, ontstaat in sommige situaties of in sommige gezinnen stress. Dat kan ook veroorzaakt worden doordat iemand letterlijk een ander soort begeleiding krijgt. Op afstand. Mensen missen dan toch die arm of die knuffel die normaal wel geboden werd. Gelukkig hebben wij onze kwetsbare inwoners goed in beeld en weten de huisartsen ons via de praktijkondersteuners goed te vinden. Bij een crisissituatie brengen wij nog steeds een huisbezoek om iemand extra te ondersteunen. En als het nodig is, zijn wij in staat om snel te schakelen.”

Ziet de wethouder al mogelijkheden voor versoepeling van de coronamaatregelen? “Er wordt natuurlijk een hoop gespeculeerd. Het zijn voor iedereen onzekere tijden. In het bijzonder voor onze ondernemers, gezinnen met schoolgaande kinderen en onze kwetsbare inwoners. Maar het is niet aan ons als gemeente om te oordelen of maatregelen versoepeld kunnen worden. Wij vertrouwen op de keuzes die het kabinet in samenwerking met het RIVM maakt. Wij zetten ons ervoor in om inwoners zoveel mogelijk te steunen. Bijvoorbeeld door het meedenken met ondernemers en het regelen van goede nood- en crisisopvang. Wat dat laatste betreft moeten wij een groot compliment maken hoe de kinderdagverblijven in onze gemeente hier invulling aan hebben gegeven. En dat is niet onopgemerkt gebleven, getuige het bezoek van onze minister-president aan SkippyPePijN.”

Afval?
Naast het brede takenpakket in het sociaal domein, heeft wethouder Van de Gevel ook nog een vreemde eend in haar portefeuille: afvalinzameling. Mensen zijn nu meer thuis, slaan aan het klussen. En dat is merkbaar: “Er is sprake van 20 procent meer restafval, 35 procent meer aanbod bij de vuilstort en helaas ook zo’n 60 procent meer dumping van afval dan vóór de coronacrisis.” Het is volgens de wethouder dan ook van groot belang dat de gemeente doorgaat met HNI, Het Nieuwe Inzamelen.

“Het is nodig dat we vaart maken. Verbranden wordt steeds duurder en het is ook nog eens slecht voor het milieu. Daarnaast hebben wij een landelijke opdracht om te komen tot véél minder restafval.” Van de Gevel legt uit hoe we met elkaar tot minder restafval kunnen komen: “Er zitten nog heel veel grondstoffen in het restafval. Denk hier bijvoorbeeld aan papier, textiel, glas of GFT. Dat moet er echt uit. Als je je afval goed scheidt heb je maar weinig restafval. En dat restafval breng je straks weg naar een ondergrondse bak. In alle kliko-wijken wordt de grijze kliko ingezet om verpakkingen van plastic, metaal en drinkkartonnen, PMD, in te zamelen.” Voor de ondergrondse bakken zijn er nu locatieplannen gemaakt.

“We hebben hier vorige week uitgebreid aandacht aan besteed in de Telstar/Eendracht. Iedereen kan hier nu wat van vinden. Op onze website, www.pijnacker-nootdorp.nl/afval, kunnen mensen terecht voor meer informatie en er komt ook nog informatie huis aan huis. Mensen kunnen schrijven, bellen en mailen. Allemaal coronaproof.”

Meer berichten